Klok
Main Menu
OPENINGSTIJDEN
Wekelijks op de woensdagen van 9.30 uur tot 16.30 uur.
Een keer in de maand op de 2e zaterdag van 9.30 uur tot 13.30 uur.
nog open op;
11 september 2010
9 oktober 2010
13 november 2010
11 december 2010
Gesloten van 20 december 2010 tot en met 4 januari 2011.
Een keer in de maand op de 2e zaterdag van 9.30 uur tot 13.30 uur.
nog open op;
11 september 2010
9 oktober 2010
13 november 2010
11 december 2010
Gesloten van 20 december 2010 tot en met 4 januari 2011.
AGENDA
MEDEDELINGEN EN ACTIVITEITEN:
Limburgse Molendag 2010
is op zondag 3 oktober
Er zijn op deze dag op de St. Petrus molen te Roggel
verschillende demonstraties.
Ook zijn er andere molenaars actief.
Limburgse Molendag 2010
is op zondag 3 oktober
Er zijn op deze dag op de St. Petrus molen te Roggel
verschillende demonstraties.
Ook zijn er andere molenaars actief.
Geschiedenis
De watermolen van Grathem
Midden in het dorpje Grathem ligt aan de Uffelse Beek een watermolen die nog regelmatig in bedrijf is
De kerk en de watermolen zijn niet de enige belangrijke oude gebouwen van Grathem. Twee kastelen aan de dorpsrand geven. zowel bij de nadering vanaf de Napoleonsweg, als komende van Kelpen-Oler een bijzonder accent aan het dorp. Reeds in de 14e eeuw lag in Grathem de banmolen van het stift van Thorn. Later kwam de molen in bezit van de adellijke familie De Borchgrave d'Altena die op het kasteel "Groot Buggenum" in Grathem woonde, en vervolgens door huwelijk in de familie De Geloes d'Elsloo. In de eerste helft van de 19e eeuw was de watergraan- en oliemolen eigendom van Antonia Enestina Francisca gravin de Borchgrave d'Altena. Ze was gehuwd in 1813 en later weduwe van Charles Emile Marie Maur Servais, graaf de Geloes d'Elsloo. Na haar dood vererfde de molen met huis en erf in 1861 aan Theodore Maur Constantin Charles graaf de Geloes d'Elsloo te Lauvergnac (Guérande Frankrijk) en zijn zuster. Na deling in 1871 werd de graaf alleen eigenaar. Een jaar later verkocht hij de molen met aanhorigheden aan de molenaarpachter Louis Schreurs, gehuwd met Ida Jacobs.
In die tijd had de molen twee onderslagraderen die schuin achter elkaar in een eigen ark hingen. Het voorste rad. het waterrad van de korenmolen, had een middellijn van 5.40 m. en een breedte van 0.59 m.; het waterrad van de oliemolen had als afmetingen respectievelijk 5.12 en 0.52 m. Toen het echtpaar Schreurs-Jacobs eigenaar werd, verkeerde de molen in slechte staat. Zij lieten de molen met het woonhuis in 1873 vernieuwen, waaraan een gevelsteen met het volgende chronogram herinnert: Is hernieuwd door de echtgenooten L. Schreurs en I. Jacobs. In 1903 verkocht het echtpaar Schreurs-Jacobs de molen met huis en aanhorigheden aan Mathieu of Johannes Mathias Hubertus Tijssen, getrouwd met Anna Maria Hubertina Schreurs. Tijssen was een neef van Ida Jacobs: zijn vrouw een nicht van Louis Schreurs.
Tijssen liet de molen met het gangwerk in 1915 verbouwen. Op 8 augustus van dat jaar kreeg hij toestemming van het provinciaal bestuur voor het plaatsen van een waterturbine en het aanpassen van de waterwerken.
De molen had voordien een ingebouwd waterrad met een middellijn van 6,10 m., een breedte van 2,08 m. en een schoephoogte van 1,25 m. Van dit voortreffelijke waterrad zijn de eikehouten schoepen bewaard gebleven. Zij dienden als vloerdelen van de hooizolder. De vertikale turbine kon bij een waterhoeveelheid van 1300 liter per seconde en een toerental van 70 omwentelingen de molenas aandrijven. Met behulp van een schroef inrichting kan het horizontale tandwiel op de steenspil uit het vertikale tandwiel op de molenas worden gelicht en wordt het betreffende koppel stenen uit het werk gezet.
In de turbinekamer werd in 1916 een Stockport-zuiggasmotor als hulpkracht gelegd, die met een riem rechtstreeks de molenas aandreef. Deze as dreef in de turbinekamer tevens een dynamo aan, die tot het einde van de jaren twintig een deel van het dorp van elektrisch licht voorzag. De accumulatorbatterij bestond uit 120 elementen. Pas in 1930 werd Grathem op het provinciale elektriciteitsnet aangesloten. Daarna werd een elektromotor als hulpkracht gebruikt.
Tijssen overleed in 1926. De molen kwam toen in bezit van zijn echtgenote en de vier kinderen, Severinus, Dorothea, Hubertina en Maria. Het bedrijf werd voortgezet onder de naam "De erven Tijssen", bedrijfsleider was de bekwame Theo Janssen.
In het midden van de jaren vijftig werden door de firma H.P. van Aarsen, molenbouw uit Panheel, in het voorste gedeelte van de turbinekamer een elektrische hamermolen en in de molen een mengketel geplaatst. Het koppel stenen, dat in de molen de voorste positie innam, werd verwijderd en de molenas ingekort. Op de zolder staat een walsenstoel die als pletter wordt gebruikt, en een graanreiniger; beide machines worden door de turbineas aangedreven. In een bijruimte staat een buil, waarmee boekweitmeel wordt gezeefd. In 1958 vond een boedelscheiding plaats en werden Severinus Theodoor Gerard Joseph, pastoor in Ittervoort, en Dorothea Gertrudis Agetha en Maria Hubertina, beiden ongehuwd, gezamenlijk eigenaar.
In 1977 verkocht de familie Tijssen de molen met woonhuis en aanhorigheden aan Louis of Ludovicus Antonius Marie Gielen, getrouwd met Elisabeth Catharina Hubertina Op 't Broek, uit Wessem. Hij was reeds molenaar op de Grathemermolen.
Eind 2006 heeft deze molenaar de molen verlaten.
Momenteel zijn er 2 steenkoppels waar de molenaar mee werkt.
Een koppel franse stenen en een koppel met kunst stenen.
De huidige molenaar is in 2005 geslaagd als windmolenaar en heeft zich bekwaamt in het werken op een watermolen.
Elders vindt u meer informatie over de huidige stand van zaken.
Midden in het dorpje Grathem ligt aan de Uffelse Beek een watermolen die nog regelmatig in bedrijf is
De kerk en de watermolen zijn niet de enige belangrijke oude gebouwen van Grathem. Twee kastelen aan de dorpsrand geven. zowel bij de nadering vanaf de Napoleonsweg, als komende van Kelpen-Oler een bijzonder accent aan het dorp. Reeds in de 14e eeuw lag in Grathem de banmolen van het stift van Thorn. Later kwam de molen in bezit van de adellijke familie De Borchgrave d'Altena die op het kasteel "Groot Buggenum" in Grathem woonde, en vervolgens door huwelijk in de familie De Geloes d'Elsloo. In de eerste helft van de 19e eeuw was de watergraan- en oliemolen eigendom van Antonia Enestina Francisca gravin de Borchgrave d'Altena. Ze was gehuwd in 1813 en later weduwe van Charles Emile Marie Maur Servais, graaf de Geloes d'Elsloo. Na haar dood vererfde de molen met huis en erf in 1861 aan Theodore Maur Constantin Charles graaf de Geloes d'Elsloo te Lauvergnac (Guérande Frankrijk) en zijn zuster. Na deling in 1871 werd de graaf alleen eigenaar. Een jaar later verkocht hij de molen met aanhorigheden aan de molenaarpachter Louis Schreurs, gehuwd met Ida Jacobs.
In die tijd had de molen twee onderslagraderen die schuin achter elkaar in een eigen ark hingen. Het voorste rad. het waterrad van de korenmolen, had een middellijn van 5.40 m. en een breedte van 0.59 m.; het waterrad van de oliemolen had als afmetingen respectievelijk 5.12 en 0.52 m. Toen het echtpaar Schreurs-Jacobs eigenaar werd, verkeerde de molen in slechte staat. Zij lieten de molen met het woonhuis in 1873 vernieuwen, waaraan een gevelsteen met het volgende chronogram herinnert: Is hernieuwd door de echtgenooten L. Schreurs en I. Jacobs. In 1903 verkocht het echtpaar Schreurs-Jacobs de molen met huis en aanhorigheden aan Mathieu of Johannes Mathias Hubertus Tijssen, getrouwd met Anna Maria Hubertina Schreurs. Tijssen was een neef van Ida Jacobs: zijn vrouw een nicht van Louis Schreurs.
Tijssen liet de molen met het gangwerk in 1915 verbouwen. Op 8 augustus van dat jaar kreeg hij toestemming van het provinciaal bestuur voor het plaatsen van een waterturbine en het aanpassen van de waterwerken.
De molen had voordien een ingebouwd waterrad met een middellijn van 6,10 m., een breedte van 2,08 m. en een schoephoogte van 1,25 m. Van dit voortreffelijke waterrad zijn de eikehouten schoepen bewaard gebleven. Zij dienden als vloerdelen van de hooizolder. De vertikale turbine kon bij een waterhoeveelheid van 1300 liter per seconde en een toerental van 70 omwentelingen de molenas aandrijven. Met behulp van een schroef inrichting kan het horizontale tandwiel op de steenspil uit het vertikale tandwiel op de molenas worden gelicht en wordt het betreffende koppel stenen uit het werk gezet.
In de turbinekamer werd in 1916 een Stockport-zuiggasmotor als hulpkracht gelegd, die met een riem rechtstreeks de molenas aandreef. Deze as dreef in de turbinekamer tevens een dynamo aan, die tot het einde van de jaren twintig een deel van het dorp van elektrisch licht voorzag. De accumulatorbatterij bestond uit 120 elementen. Pas in 1930 werd Grathem op het provinciale elektriciteitsnet aangesloten. Daarna werd een elektromotor als hulpkracht gebruikt.
Tijssen overleed in 1926. De molen kwam toen in bezit van zijn echtgenote en de vier kinderen, Severinus, Dorothea, Hubertina en Maria. Het bedrijf werd voortgezet onder de naam "De erven Tijssen", bedrijfsleider was de bekwame Theo Janssen.
In het midden van de jaren vijftig werden door de firma H.P. van Aarsen, molenbouw uit Panheel, in het voorste gedeelte van de turbinekamer een elektrische hamermolen en in de molen een mengketel geplaatst. Het koppel stenen, dat in de molen de voorste positie innam, werd verwijderd en de molenas ingekort. Op de zolder staat een walsenstoel die als pletter wordt gebruikt, en een graanreiniger; beide machines worden door de turbineas aangedreven. In een bijruimte staat een buil, waarmee boekweitmeel wordt gezeefd. In 1958 vond een boedelscheiding plaats en werden Severinus Theodoor Gerard Joseph, pastoor in Ittervoort, en Dorothea Gertrudis Agetha en Maria Hubertina, beiden ongehuwd, gezamenlijk eigenaar.
In 1977 verkocht de familie Tijssen de molen met woonhuis en aanhorigheden aan Louis of Ludovicus Antonius Marie Gielen, getrouwd met Elisabeth Catharina Hubertina Op 't Broek, uit Wessem. Hij was reeds molenaar op de Grathemermolen.
Eind 2006 heeft deze molenaar de molen verlaten.
Momenteel zijn er 2 steenkoppels waar de molenaar mee werkt.
Een koppel franse stenen en een koppel met kunst stenen.
De huidige molenaar is in 2005 geslaagd als windmolenaar en heeft zich bekwaamt in het werken op een watermolen.
Elders vindt u meer informatie over de huidige stand van zaken.

